Parentage: Evita x Irvine
licentie houder: Meiosis
kweker: E. Vinson. Engeland
RASEIGENSCHAPPEN

Everest combineert een hoge potentiële opbrengst met een stevige vrucht.
De smaak wordt in het algemeen goed gewaardeerd, ook door de doorgaans kritische supermarktketens in Engeland.
Belangrijke voordelen van Everest:
Everest is zeer gevoelig voor slechte struktuur.
Het ras kan alleen op de best beschikbare grond geteeld worden. Tenminste Elsanta-grond, dat wil zeggen,
daar waar men Elsanta niet meer telen kan, kunt u zowiezo geen Everest succesvol telen.
Een intensief teelt-systeem met druppelbevloeiing en op ruggen heeft de voorkeur, idealiter is de grond dan al in de herfst klaargelegd.
Planten, planttype, planttijdstip en plantdichtheid heeft invloed op de oogstperiode.
Hoe groter de plant, hoe vroeger geplant en hoe dichter bij elkaar geplant wordt, des te korter is de oogstperiode.
Er zijn verschillende sorteringen en planttypen beschikbaar: normale (5-600 per kist), zware (A+'3';3-400 per kist) en A+ (200-250 per kist)
frigoplanten en verse planten in september.
De "normale" frigoplanten zijn het meest geschikt om op te potten in februari, maart. Voor een geconcentreerde oogst (1 kg in 6-7 weken) stellen wij voor:
Deze intensieve teeltwijze vraagt ook om een intensieve teelttechniek (druppelbevloeiing, ruggenteelt).
De grondtemperatuur iin het voor jaar moet boven de 7 graden zijn, anders is het verstandig het perceel af te dekken met Agryl.
Voor een langere oogstperiode (meer dan 10 weken) luidt het advies:
De planten moeten diep gezet worden.
Omdat Everest moeilijk nieuwe rhizoomwortels maakt, vraagt het planten bijzondere aandacht:
voor uw gevoel moet u te diep planten.
De eerste bloemen dienen verwijdert te worden, omdat ze de groei van het blad en de inworteling belemmeren.
Het beste gebeurt dit zo gauw de bloemtrossen 'grijpbaar' zijn. Bij grotere planten is soms nog een tweede ronde nodig.
Het moment van verwijderen beïnvloed de start van de oogst. Kort (rond de 2 weken) nadat de laatste bloemen verwijderd zijn,
komen de nieuwe bloemen die dan 25-30 dagen later geoogst gaan worden.
Wanneer de plant en vooral het nieuwe blad goed ontwikkeld zijn, is het beter de laatste ronde te laten vervallen.
Zodoende ontstaat er een betere balans in de plant tussen blad en bloei.
Een te sterke vegetatieve groei in juni leidt tot teveel bloemen in juli augustus.
Uitlopers hoeven doorgaans maar een keer verwijderd te worden.
Beide teelthandelingen moeten voorzichtig gebeuren, omdat Everest als plant nogal breekbaar is.
De harten en bladstelen zijn snel beschadigd, ook bij het stroleggen en plukken is voorzichtigheid gevraagd.
De basisbemesting bij Everest is vergelijkbaar met die van andere doordragers.
Begonnen wordt er met een basisgift van 500 kg/ha mengmest (12-12-17).
De fertigatie (20-30 kg N met Calcium of Kali) gebeurt op momenten, bijvoorbeeld wanneer de groei terugvalt tijdens de oogst eind juli-begin augustus.
Volgens ervaringen heeft men met bladbemesting bij Everest een goed effect.
Tot de oogst kan men de planten met Ureum (3-5 kg/ha) of Bladaspor (20-20-20) samen met Goemar of Aminosol (3 l/ha) behandelen.
Kort voor de oogst vervangt men de stikstof-meststof met bitterzout (4-10 kg/ha) of Magnisal.
Vanwege de gevoeligheid van Everest voor Colletotrichum moet men bovenmatige stikstofgiften vermijden.
Druppelbevloeiing heeft met diezelfde reden de voorkeur.
Belangrijk is dan wel dat men de planten niet teveel verwend met water in het voorjaar, laat de plant via zijn wortels maar zoeken.
De grote uitdaging bij doordragers is de planten tijdens de lange oogstperiode gezond te houden.
Er zijn weinig middelen beschikbaar en toch moet het gewas vrij gehouden worden van meeldauw, thrips en vruchtrot.
Gelukkig is Everest niet erg gevoelig voor thrips of meeldauw, maar pas op: de eerste symptomen van meeldauw vertonen zich op de bloem!
Het ras is
wel gevoelig
voor Colletotrichum, daarom is het belangrijk om vooral Eupareen en
Switch zolang mogelijk in het spuitprogramma op te
nemen.
Ook een Aliette behandeling na het planten is raadzaam.
Everest laat zich makkelijk plukken, wanneer de vruchten gekiept kunnen te worden;
met steel plukken is moeilijker.
Tijdens de piekoogst moet minimaal elke derde dag geplukt worden,
en dan enkel de goed doorgekleurde en glanzende vruchten.
Wanneer men langer wacht met plukken, kunnen de vruchten te sterk doorkleuren.
Trossnoei is raadzaam, vooral in augustus.
Everest is goed houdbaar en transporteerbaar, in de handel vergelijkbaar met Elsanta.
De vruchten zijn beter bestand tegen regen en hitte.
Flevoplant rasinfo